Mycorrhiza’s zijn verbintenissen van wortels met schimmels, te vinden bij zo’n van de plantensoorten en al in de oudste fossielen van landplanten. Bij de arbusculaire mycorrhiza’s gaat de schimmel (een Glomeromyceet) de wortelcellen binnen en vertakt zich tot een boomvormige arbuskel waarover fosfaat, stikstof en water naar de plant gaan en suikers en lipiden naar de schimmel; de schimmeldraden vergroten het opnemende oppervlak van de wortel honderdvoudig en bereiken fosfaat waar de wortel niet bij kan. Bij de ectomycorrhiza’s van bosbomen omhult de schimmel de wortel en groeit zij tussen de cellen door. De plantengenen die de schimmel binnenlaten vormen dezelfde gemeenschappelijke symbioseroute — receptor, calciumpieken, transcriptiefactoren — die de vlinderbloemigen voor de rhizobia hergebruiken: het knolletje is een late uitvinding, gebouwd op een schimmelpartnerschap dat vierhonderd miljoen jaar ouder is.
Biologie · Begrippenlijst