Aftrekken is wegnemen en tellen wat overblijft. We schrijven
en lezen: “zeven min twee is vijf”.
Voorbeelden
Voorbeeld 3.2 (Terugtellen)
Voor een kleine aftrekking tel je terug op de lijn: : zeg “elf” en doe drie stappen terug — “tien, negen, acht”. Dus .