Het getal schrijf je als
— het decimaalteken scheidt het hele deel () van het decimale deel; het eerste cijfer erachter telt de tienden, het tweede de honderdsten. Dit boek zet als decimaalteken een punt, zoals internationaal gebruikelijk is; je spreekt het uit als “komma”, en op school schrijf je meestal . Lezen: “twee komma drie zeven”, of “twee en zevenendertig honderdsten”.
Voorbeelden
Voorbeeld 25.4
Pas op bij : vijf honderdsten hebben een op de plaats van de tienden nodig — , niet .
Voorbeeld 25.5 (Geld bestaat uit honderdsten)
Eén cent is één honderdste euro: een prijs van betekent hele euro’s en honderdsten. Met geld gebruik je het decimaalteken al elke dag: cent ; twee euro vijftig ; en is een muntje van vijf cent, niet van vijftig!