Goed bekeken laat elke cel dezelfde basisuitrusting zien:
- het celmembraan, het dunne buitenvlies van de cel, dat haar bijeenhoudt en regelt wat er in en uit gaat;
- het cytoplasma, de geleiachtige vulling waarin het werk van de cel gebeurt;
- de celkern (de donkere stip uit Opmerking 29.6), het commandocentrum dat het leven van de cel en haar deling stuurt.
Membraan, cytoplasma, celkern: de driedelige uitrusting van vrijwel elke cel in elke plant, elk dier en elke schimmel.
Voorbeelden
Voorbeeld 45.3 (De preparaten uit elkaar houden)
Terug bij de microscoop met de twee preparaten uit Voorbeeld 29.5 hebben de verschillen nu namen. Uienvlies: rechte wanden die in hoeken samenkomen — celwanden; een celkern die opzij gedrukt is — het werk van de waterblaas. Wangcellen: geen wanden, zachte ronde omtrekken — alleen membraan — met de kern in het midden. Eén blik leest nu plant of dier.