Wiskunde · Begrippenlijst

Wat is Eenheden van massa en inhoud?

Definitie 19.4 Wiskunde basisschool en onderbouw · Hoofdstuk 19 — Meten

Massa’s meet je in grammen (g) en kilogrammen (kg), inhouden (hoeveel er in een bak gaat) in liters (L) en centiliters (cL):

1 kg=1000 g,1 L=100 cL.1 \text{ kg} = 1\,000 \text{ g}, \qquad 1 \text{ L} = 100 \text{ cL}.

Voorbeelden

Voorbeeld 19.5

Een brief: ongeveer 2020 g. Een zak bloem: 11 kg. Een badkuip: ongeveer 150150 L. Een glas: ongeveer 2020 cL. Om een weegschaal met een zak van 11 kg in evenwicht te brengen met 650650 g appels, leg je er nog 1000650=3501\,000 - 650 = 350 g appels bij.

Lees in het hoofdstuk →