Natuurkunde · Begrippenlijst

Wat is Periode en frequentie?

Ook bekend als: periode

Definitie 67.2 Natuurkunde basisschool en onderbouw · Hoofdstuk 67 — Wisselstroom

De periode TT van een wisselspanning is de duur van één volledige kringloop — één volle zwaai omhoog, omlaag en terug, in seconden. Haar frequentie ff is het aantal kringlopen per seconde, in hertz — de eenheid van het geluid, opnieuw in dienst — en de twee zijn elkaars omgekeerde:

f=1T,T=1f.f = \frac{1}{T}, \qquad T = \frac{1}{f}.

Voorbeelden

Voorbeeld 67.4 (Rekenen met frequentie)

Het omgekeerdenpaar rekent beide kanten op. Een generator die op 60Hz60\,\mathrm{Hz} draait: T=1/600.017sT = 1/60 \approx 0.017\,\mathrm{s} — zeventien milliseconden. Een oscilloscoop toont een kringloop die 0.04s0.04\,\mathrm{s} duurt: f=1/0.04=25Hzf = 1/0.04 = 25\,\mathrm{Hz}. Een fietsdynamo maakt bij langzaam trappen 10Hz10\,\mathrm{Hz}: een periode van een tiende seconde — en zijn lampje flikkert zichtbaar, tien pulsen per seconde, tot de snelheid ze gladstrijkt tot voorbij wat het oog opmerkt.

Lees in het hoofdstuk →