Biologie · Begrippenlijst

Wat is Fagocytose?

Ook bekend als: fagocyt

Definitie 33.4 Biologie bovenbouw · Hoofdstuk 33 — Aangeboren afweer

Fagocytose is het opslokken van een deeltje — een bacterie, een dode cel, een stofje — door een cel die haar membraan eromheen slaat, het in een blaasje naar binnen trekt en het met enzymen en bijtende stoffen verteert. De fagocyten van de aangeboren afweer zijn de neutrofielen, kortlevend en talrijk, en de macrofagen, langlevend en ter plaatse wonend. Een macrofaag die een microbe heeft verteerd, bewaart brokstukken van zijn eiwitten en toont die op haar oppervlak — de stap die deze reactie met die van het volgende hoofdstuk zal verbinden.

Fagocytose. Een fagocyt bindt een microbe, slaat er membraan omheen, verteert hem in een blaasje, en — als het een macrofaag of een dendritische cel is — toont brokstukken van de eiwitten van de microbe op haar oppervlak voor de cellen van de verworven afweer.
Fagocytose. Een fagocyt bindt een microbe, slaat er membraan omheen, verteert hem in een blaasje, en — als het een macrofaag of een dendritische cel is — toont brokstukken van de eiwitten van de microbe op haar oppervlak voor de cellen van de verworven afweer.
Een macrofaag, in een ingekleurde elektronenopname, die haar membraan uitspreidt rond bacteriën die zij op het punt staat op te slokken. De werkcel van de aangeboren afweer.
Een macrofaag, in een ingekleurde elektronenopname, die haar membraan uitspreidt rond bacteriën die zij op het punt staat op te slokken. De werkcel van de aangeboren afweer.

Voorbeelden

Voorbeeld 33.5 (Het tijdschema van een splinter)

Minuut 0: bacteriën van de splinter in het weefsel. Minuut 1–10: mestcellen en macrofagen herkennen hun wandbrokstukken en geven histamine en cytokinen af; de vaten verwijden. Uur 1: roodheid, warmte, de eerste neutrofielen die de vaatwanden oversteken. Uur 2–12: neutrofielen zwermen, slokken bacteriën op, sterven; zwelling en pijn op hun hoogtepunt. Dag 1: monocyten komen aan en worden macrofagen, die het puin opruimen; pus zichtbaar. Dag 2–3: bacteriën weg, geen mediatoren meer afgegeven, vaten weer normaal, herstel begint. Als de bacteriën zich sneller vermenigvuldigen dan de fagocyten hen opruimen, wordt de reactie breder, komt er koorts, en neemt de verworven afweer — die in de lymfeknoop al op gang is gekomen — het over.

Voorbeeld 33.7 (Koorts)

Cytokinen die bij een grote of aanhoudende ontstekingshaard vrijkomen, bereiken de hersenen, waar zij de streefwaarde voor de lichaamstemperatuur verhogen: koorts. Een graad of twee extra warmte versnelt de fagocyten en vertraagt vele bacteriën, ten koste van energie en ongemak; boven 40C40\,{}^{\circ}\mathrm{C} weegt de prijs niet meer op tegen het voordeel, en daar worden de koortswerende (prostaglandinen blokkerende) middelen gebruikt. Koorts is een geregelde reactie, geen ontsporing van de regeling.

Lees in het hoofdstuk →