Een verstoring is een gebeurtenis — brand, storm, overstroming, droogte, begrazing, kap, een epidemie — die biomassa wegneemt en ruimte opent. De weerstand van een ecosysteem is zijn vermogen om een verstoring onveranderd door te komen; zijn veerkracht is de snelheid waarmee het daarna in zijn vroegere toestand terugkeert. Een bos is bestand tegen een droge zomer en herstelt traag van een brand; bij een grasland is het omgekeerd. Levensgemeenschappen worden door hun verstoringsregime gevormd: de frequentie, de hevigheid en de omvang ervan. Veel gemeenschappen zijn mozaïeken van plekken in verschillende successiefasen sinds hun laatste verstoring, en hun diversiteit is de som over het mozaïek.
Biologie · Begrippenlijst