Natuurkunde · Begrippenlijst

Wat is Ideale en werkelijke bronnen?

Definitie 6.8 Universitaire natuurkunde — jaar 1 · Hoofdstuk 6 — Gelijkstroomkringen: de wetten van Kirchhoff en enkele stellingen

Een ideale spanningsbron legt u=Eu = E op, wat de stroom ook is; EE is haar elektromotorische kracht (emk). Een ideale stroombron legt i=INi = I_N op, wat de spanning ook is. Een werkelijke bron (accu, generator, voeding) wordt in de generatorconventie gemodelleerd door

u=Eri(model van Theˊvenin: ideale emk E in serie met r)u = E - r\,i \quad (\text{model van Thévenin: ideale emk } E \text{ in serie met } r)

of, gelijkwaardig, door i=INu/ri = I_N - u/r (model van Norton: ideale stroombron IN=E/rI_N = E/r parallel aan rr); rr is de inwendige weerstand. EE is de nullastspanning en IN=E/rI_N = E/r de kortsluitstroom.

Links: de karakteristieken van een werkelijke bron (u = E - ri) en van een weerstandsbelasting (u = Ri) snijden elkaar in het werkpunt. Rechts: het vermogen dat de belasting ontvangt piekt bij R = r, waar de helft van het vermogen van de bron in haar eigen weerstand verloren gaat. Links: de karakteristieken van een werkelijke bron (u = E - ri) en van een weerstandsbelasting (u = Ri) snijden elkaar in het werkpunt. Rechts: het vermogen dat de belasting ontvangt piekt bij R = r, waar de helft van het vermogen van de bron in haar eigen weerstand verloren gaat.
Links: de karakteristieken van een werkelijke bron (u=Eriu = E - ri) en van een weerstandsbelasting (u=Riu = Ri) snijden elkaar in het werkpunt. Rechts: het vermogen dat de belasting ontvangt piekt bij R=rR = r, waar de helft van het vermogen van de bron in haar eigen weerstand verloren gaat.
Lees in het hoofdstuk →