Natuurkunde · Begrippenlijst

Wat is Temperatuur?

Ook bekend als: graad Celsius · thermometer

Definitie 15.2 Natuurkunde basisschool en onderbouw · Hoofdstuk 15 — Temperatuur en thermometers

De temperatuur van iets is het getal dat precies zegt hoe warm of koud het is. Hoger getal, warmer ding; lager getal, kouder ding. Temperatuur wordt gemeten in graden Celsius, geschreven C{}^{\circ}\mathrm{C}, met een thermometer.

Een thermometer: de rode vloeistof klimt als ze verwarmd wordt. Hier staat ze op het streepje 25 — de temperatuur is 25\, C.
Een thermometer: de rode vloeistof klimt als ze verwarmd wordt. Hier staat ze op het streepje 2525 — de temperatuur is 25C25\,{}^{\circ}\mathrm{C}.
Een echte thermometer aan de muur: de rode kolom klimt langs de schaal, en iedereen die het streepje afleest krijgt hetzelfde getal.
Een echte thermometer aan de muur: de rode kolom klimt langs de schaal, en iedereen die het streepje afleest krijgt hetzelfde getal.

Voorbeelden

Voorbeeld 15.4 (Hoe de glazen rechter werkt)

In het dunne buisje van de thermometer zit een opgesloten gekleurde vloeistof. Warmte laat die vloeistof een klein beetje uitzetten — en in zo’n dun buisje duwt een kleine uitzetting de kolom zichtbaar omhoog. Kou laat haar weer krimpen. De vloeistof laat zich niet voor de gek houden zoals een hand: ze zet even veel uit bij dezelfde warmte, vandaag, morgen, voor iedereen.

Voorbeeld 15.6 (Temperaturen om mee te leven)

Een paar getallen die je uit je hoofd moet kennen: een aangename kamer is ongeveer 20C20\,{}^{\circ}\mathrm{C}; je lichaam houdt zichzelf op ongeveer 37C37\,{}^{\circ}\mathrm{C}, zomer en winter; ver daarboven is koorts — de thermometer van de dokter weet het. De koelkast houdt ongeveer 4C4\,{}^{\circ}\mathrm{C}; een hete zomerdag haalt 30C30\,{}^{\circ}\mathrm{C}; badwater is aangenaam rond 35C35\,{}^{\circ}\mathrm{C}.

Lees in het hoofdstuk →
Definitie 20.4 Universitaire natuurkunde — jaar 1 · Hoofdstuk 20 — Kinetische theorie en het ideale gas

Twee systemen die in contact staan door een wand die energie doorlaat bereiken na verloop van tijd een gemeenschappelijke toestand: zij zijn dan op dezelfde temperatuur, en twee lichamen die elk met een derde in evenwicht zijn, zijn dat ook met elkaar (de nulde hoofdwet). De kelvinschaal ligt vast door kB=1.380649×1023J/Kk_B = 1.380\,649 \times 10^{-23}\,\mathrm{J}/\mathrm{K} exact; Celsius: θ=T273.15\theta = T - 273.15. De kinetische theorie hieronder geeft TT zijn microscopische betekenis.

Lees in het hoofdstuk →