De genetische code beeldt drietallen basen van de boodschapper, codons, af op aminozuren. Van de 64 codons leggen er 61 de twintig aminozuren vast en zijn er drie (UAA, UAG, UGA) stopsignalen; AUG legt methionine vast en is tevens het startcodon, zodat elk nieuw polypeptide met methionine begint. De code is gedegenereerd — de meeste aminozuren hebben verscheidene codons, die vooral op de derde plaats verschillen — niet-overlappend, zonder leestekens gelezen in een leesraam dat door het startcodon wordt vastgelegd, en vrijwel universeel, hetzelfde bij bacteriën, planten en dieren met kleine varianten in mitochondriën: een menselijk gen dat in een bacterie wordt gebracht, wordt juist gelezen.
| eerste | tweede base | derde | |||
| base | U | C | A | G | base |
| U | Phe Phe Leu Leu | Ser Ser Ser Ser | Tyr Tyr stop stop | Cys Cys stop Trp | U C A G |
| C | Leu Leu Leu Leu | Pro Pro Pro Pro | His His Gln Gln | Arg Arg Arg Arg | U C A G |
| A | Ile Ile Ile Met | Thr Thr Thr Thr | Asn Asn Lys Lys | Ser Ser Arg Arg | U C A G |
| G | Val Val Val Val | Ala Ala Ala Ala | Asp Asp Glu Glu | Gly Gly Gly Gly | U C A G |