Diabetes is een blijvend teveel aan bloedglucose: boven nuchter, of boven twee uur na een standaardhoeveelheid glucose. De vroege tekenen volgen uit dat teveel: glucose in de urine, die water met zich meesleept (veel urine, dorst), en gewichtsverlies wanneer cellen de glucose om hen heen niet kunnen gebruiken. De late schade — aan de kleine vaten van oog en nier, aan zenuwen, aan de slagaders — komt van jaren waarin glucose met eiwitten reageert. Twee ziekten delen die naam.