Een fossiele brandstof — steenkool, aardolie, aardgas — is in de loop van miljoenen jaren onder de grond ontstaan uit de resten van oeroude planten en zeedieren. Een hernieuwbare brandstof wordt gemaakt van planten die nu groeien, of van afval: hout, biogas uit mest en etensresten, ethanol uit suikerbieten of suikerriet.

