Alle boeken

Professioneel

Apps Over Coach Inloggen Begin met lezen

Scheikunde · Begrippenlijst

Wat is Ion, kation, anion?

Ook bekend als: ion · kation · anion

Definitie 17.1 Scheikunde van basisschool tot bovenbouw · Hoofdstuk 17 — Ionen en ionenoplossingen

Een ion is een atoom, of een groep atomen, dat een of meer elektronen heeft afgestaan of opgenomen, en daardoor een elektrische lading draagt. Een ion met een positieve lading, dat elektronen heeft afgestaan, is een kation; een ion met een negatieve lading, dat elektronen heeft opgenomen, is een anion. De lading schrijf je rechtsboven de formule: NaX+\ce{Na+}, CuX2+\ce{Cu^{2+}}, ClX−\ce{Cl-}.

Een natriumatoom wordt een natriumion door een elektron af te staan; een chlooratoom wordt een chloride-ion door er een op te nemen. De protonen veranderen niet.
Een natriumatoom wordt een natriumion door een elektron af te staan; een chlooratoom wordt een chloride-ion door er een op te nemen. De protonen veranderen niet.

Voorbeelden

Voorbeeld 17.2 (Natrium en chloor)

Een natriumatoom, 11 protonen en 11 elektronen, staat één elektron af: het wordt het natriumion NaX+\ce{Na+}, 11 protonen en 10 elektronen, lading +1+1:

Na→NaX++eX−.\ce{Na -> Na+ + e-}.

Een chlooratoom, 17 protonen en 17 elektronen, neemt één elektron op: het wordt het chloride-ion ClX−\ce{Cl-}, 17 protonen en 18 elektronen:

Cl+eX−→ClX−.\ce{Cl + e- -> Cl-}.

Voorbeeld 17.11 (Een neerslagreactie opschrijven)

Je schrijft alleen de ionen op die de vaste stof vormen; de andere blijven opgelost en doen niet mee:

CuX2+(aq)+2 OHX−(aq)→Cu(OH)X2(s),AgX+(aq)+ClX−(aq)→AgCl(s).\ce{Cu^{2+}(aq) + 2OH-(aq) -> Cu(OH)2(s)}, \qquad \ce{Ag+(aq) + Cl-(aq) -> AgCl(s)}.
Lees in het hoofdstuk →