Stuur een bundel evenwijdige stralen — zonlicht voldoet — door een convergerende lens: de afgebogen stralen kruisen elkaar allemaal in één punt erachter, het brandpunt. De afstand van de lens tot het brandpunt is de brandpuntsafstand : het ene getal dat de lens bepaalt. Sterk gekromde, dikke lenzen buigen hard af — korte ; flauw gekromde buigen weinig af — lange .
Voorbeelden
Voorbeeld 60.8 (Binnen de brandpuntsafstand)
Houd een convergerende lens dichter bij een postzegel dan haar brandpuntsafstand, en het plaatje verandert van aard: er landt geen beeld op enig scherm — in plaats daarvan zie je, door de lens kijkend, de postzegel rechtop, op zijn plaats, en vergroot. De lens buigt de stralen van de postzegel zo dat ze het oog bereiken alsof ze door een grootser exemplaar achter het glas waren verstrooid — een illusie op maat, neefje van de spookwereld van de spiegel. Horlogemakers, postzegelverzamelaars en je eigen vroegere ik met het vergrootglas uit je kindertijd hebben hem allemaal gebruikt; de volledige stralenmeetkunde van deze truc is een juweel uit het deel voor de middelbare school.