Een epitheel is een laag dicht opeengepakte cellen die een oppervlak bedekt of een holte bekleedt, rustend op een dunne laag extracellulaire matrix, de basale lamina. Zijn cellen zijn gepolariseerd: de apicale zijde kijkt naar de buitenwereld of naar het lumen, de basale zijde naar de lamina, en de twee dragen verschillende eiwitten. Zij worden verbonden door celverbindingen: tight junctions vlak bij de top, die de ruimte tussen de cellen afdichten zodat niets de laag passeert behalve door de cellen heen; adherens junctions en desmosomen, die de cellen mechanisch vastzetten; gap junctions, kanalen die ionen en kleine moleculen van cel naar cel laten gaan. Epithelia worden ingedeeld naar het aantal lagen (enkelvoudig, meerlagig) en de vorm van de cellen (plaveisel, kubisch, cilindrisch), en omvatten de klieren, epitheelcellen die in afscheiding zijn gespecialiseerd. Zij bedekken, beschermen, nemen op en scheiden af.
Voorbeelden
Voorbeeld 4.12 (Waar de weefsels vandaan komen)
Epithelia komen uit alle drie de kiembladen voort (de huid uit ectoderm, de darmbekleding uit endoderm, de bekleding van de bloedvaten en van het coeloom uit mesoderm); bindweefsel, spier en bloed uit mesoderm; zenuwweefsel uit ectoderm. De huid van de kikker is een ectodermaal epitheel op mesodermaal bindweefsel; zijn darm een endodermaal epitheel omhuld door mesodermale spier; zijn hersenen naar binnen gevouwen ectoderm.
Voorbeeld 4.15 (De darmvlok als uitwisselingsoppervlak)
Een darmvlok van de menselijke dunne darm is een vinger van hoog en breed, bedekt door één laag cilindrische cellen waarvan de apicale zijden elk zo’n microvilli dragen. Darmvlokken vermenigvuldigen het oppervlak van de buis ongeveer zevenvoudig en microvilli nog eens twintigvoudig: de van een gladde buis wordt tientallen vierkante meters opnemend epitheel van één cel dik, waarbij elke cel op enkele micrometers van een haarvat en een lymfevat in de bindweefselkern van haar darmvlok ligt (Hoofdstuk 22). Het epitheel wordt vanuit de klieren aan zijn voet elke vier dagen vernieuwd: de laag, haar verbindingen en haar polariteit worden voortdurend opnieuw opgebouwd.