Wat is Predominante reactie, equivalente oplossing?
Ook bekend als: predominante reactie · equivalente oplossing
Definitie 10.10Universitaire scheikunde — jaar 1 · Hoofdstuk 10 — Zuur-base-evenwichten en de methode van de predominante reactie
In een oplossing met meerdere zuren en basen is de predominante reactie de reactie met de grootste constante, tussen het sterkste zuur en de sterkste base die aanwezig zijn. Als ze kwantitatief is, wordt ze als aflopend behandeld, en wordt de oplossing vervangen door de equivalente oplossing: de oplossing die ontstaat zodra deze reactie voltooid is, en die dezelfde pH heeft als de echte.
Een pKa-schaal (getekend met pKa naar boven toenemend; waarden rechts). Een zuur reageert gunstig met elke base die er op de schaal boven staat: hier ethaanzuur met ammoniak, K=109.25−4.76=104.49.
pH van oplossingen van ethaanzuur tegen pC, exact berekend uit de ladingsbalans. Geconcentreerd is het zuur weinig gedissocieerd en volgt het 21(pKa+pC); verdund tot onder ongeveer 10−6 mol/L is het volledig gedissocieerd en gedraagt het zich als een sterk zuur; zeer verdund gaat de pH naar 7.
Voorbeelden
Voorbeeld 10.13(Ethaanzuur en ammoniak)
Meng 0.10mol ethaanzuur en 0.10mol ammoniak in 1.0L. Het sterkste zuur is CHX3COOH, de sterkste base NHX3: CHX3COOH+NHX3CHX3COOX−+NHX4X+, K=109.25−4.76=104.49, kwantitatief. De equivalente oplossing bevat 0.10mol/LCHX3COOX− en NHX4X+. Haar predominante reactie, NHX4X++CHX3COOX−NHX3+CHX3COOH, heeft de kleine constante 10−4.49 en houdt [NHX3]=[CHX3COOH], waaruit, zoals voor een amfolyt, pH=21(4.76+9.25)=7.01 volgt.
Voorbeeld 10.15(Fosforzuur bij 0.10mol/L)
De predominante reactie is de eerste zuurfunctie. Met x=[HX3OX+] is x2/(0.10−x)=10−2.15; hier is x niet klein ten opzichte van C, zodat de vierkantsvergelijking x2+Ka1x−Ka1C=0 opgelost wordt: x=0.0233mol/L, pH=1.63. De tweede zuurfunctie (pKa2=7.21) draagt bij deze pH niets bij.