Natuurkunde · Begrippenlijst

Wat is Eigenperiode en eigenfrequentie?

Ook bekend als: eigenperiode van een LC-kring · eigenfrequentie van een LC-kring

Definitie 31.3 Natuurkunde bovenbouw · Hoofdstuk 31 — Vrije elektrische trillingen: RLC

De eigenperiode van een LC-kring is T0=2πLCT_0 = 2\pi\sqrt{LC}; haar eigenfrequentie is

f0=1T0=12πLC.f_0 = \frac{1}{T_0} = \frac{1}{2\pi\sqrt{LC}} .

Controle van de dimensies: 1H=1Vs/A1\,\mathrm{H} = 1\,\mathrm{V}\,\mathrm{s}/\mathrm{A} en 1F=1C/V1\,\mathrm{F} = 1\,\mathrm{C}/\mathrm{V}, dus draagt LCLC de eenheid s×C/A=s2\mathrm{s} \times \mathrm{C}/\mathrm{A} = \mathrm{s}^{2}LC\sqrt{LC} is een tijd, zoals het hoort.

Lading en stroom van de vrije LC-kring: de stroom piekt telkens wanneer de lading door nul gaat, een kwart periode uit de pas.
Lading en stroom van de vrije LC-kring: de stroom piekt telkens wanneer de lading door nul gaat, een kwart periode uit de pas.

Voorbeelden

Voorbeeld 31.4 (Eerste getallen)

L=10mHL = 10\,\mathrm{mH} met C=1.0µFC = 1.0\,\text{µ}\mathrm{F}: LC=1.0×104s\sqrt{LC} = 1.0 \times 10^{-4}\,\mathrm{s}, dus T0=0.63msT_0 = 0.63\,\mathrm{ms} en f01.6kHzf_0 \approx 1.6\,\mathrm{kHz} — een hoorbare toon. L=1.0mHL = 1.0\,\mathrm{mH} met C=100pFC = 100\,\mathrm{pF}: T0=2.0µsT_0 = 2.0\,\text{µ}\mathrm{s}, f00.50MHzf_0 \approx 0.50\,\mathrm{MHz} — een radiofrequentie. Alleen het product LCLC legt het tempo vast.

Lees in het hoofdstuk →