Natuurkunde · Begrippenlijst

Wat is Universele gravitatie?

Definitie 16.3 Universitaire natuurkunde — jaar 1 · Hoofdstuk 16 — Centrale krachten: planeten en satellieten

Een puntmassa MM in OO trekt een puntmassa mm in MM aan met

F=GMmr2er,Ep=GMmr(Ep0 in het oneindige),\vect F = -\frac{GMm}{r^2}\,\vect e_r, \qquad E_p = -\frac{GMm}{r} \quad (E_p \to 0 \text{ in het oneindige}),

G=6.67×1011Nm2/kg2G = 6.67 \times 10^{-11}\,\mathrm{N}\,\mathrm{m}^{2}/\mathrm{kg}^{2}. Een bolsymmetrisch lichaam trekt buiten zichzelf aan alsof zijn massa in zijn middelpunt zat (aangenomen; een gevolg van de stelling van Gauss, Hoofdstuk 26).

De effectieve potentiaal van de newtoniaanse gravitatie: de aantrekking -GMm/r plus de centrifugale barrière L2/2mr2. Onder energie nul zit de radiale beweging gevangen tussen twee keerpunten (perigeum, apogeum); in het minimum is de baan cirkelvormig; bij of boven nul ontsnapt het lichaam.
De effectieve potentiaal van de newtoniaanse gravitatie: de aantrekking GMm/r-GMm/r plus de centrifugale barrière L2/2mr2L^2/2mr^2. Onder energie nul zit de radiale beweging gevangen tussen twee keerpunten (perigeum, apogeum); in het minimum is de baan cirkelvormig; bij of boven nul ontsnapt het lichaam.
Lees in het hoofdstuk →