Wiskunde · Begrippenlijst

Wat is Affiene functie?

Ook bekend als: richtingscoëfficiënt · y-afsnede

Definitie 67.4 Wiskunde basisschool en onderbouw · Hoofdstuk 67 — Lineaire en affiene functies

Een affiene functie heeft de vorm

f(x)=ax+b,f(x) = a x + b ,

waar aa en bb vaste getallen zijn. Lineaire functies zijn het bijzondere geval b=0b = 0; constante functies het geval a=0a = 0.

Voorbeelden

Voorbeeld 67.8

Zoek de affiene functie met f(2)=7f(2) = 7 en f(5)=16f(5) = 16.

a=16752=93=3,a = \frac{16 - 7}{5 - 2} = \frac93 = 3 ,

en dan geeft f(2)=3×2+b=7f(2) = 3 \times 2 + b = 7 dat b=1b = 1: f(x)=3x+1f(x) = 3x + 1. Controle: f(5)=15+1=16f(5) = 15 + 1 = 16.

Lees in het hoofdstuk →
Definitie 4.1 Wiskunde bovenbouw · Hoofdstuk 4 — Referentiefuncties

Een affiene functie is een functie van de vorm

f(x)=mx+p,f(x) = mx + p,

waarbij mm en pp vaste reële getallen zijn. Haar grafiek is een rechte: mm is de richtingscoëfficiënt en pp de yy-afsnede (de rechte snijdt de verticale as in (0,p)(0, p)). Is p=0p = 0, dan heet de functie lineair: f(x)=mxf(x) = mx drukt evenredigheid uit.

Twee affiene functies: stijgend voor m = 1/2 > 0, dalend voor m = -1 < 0. Eén eenheid naar rechts verandert y met m.
Twee affiene functies: stijgend voor m=12>0m = \frac12 > 0, dalend voor m=1<0m = -1 < 0. Eén eenheid naar rechts verandert yy met mm.

Voorbeelden

Voorbeeld 4.3

Zoek de affiene functie waarvan de grafiek door A(1,3)A(1, 3) en B(4,9)B(4, 9) gaat. De richtingscoëfficiënt is

m=9341=63=2.m = \frac{9 - 3}{4 - 1} = \frac{6}{3} = 2 .

Dan is f(x)=2x+pf(x) = 2x + p, en f(1)=3f(1) = 3 geeft 2+p=32 + p = 3, dus p=1p = 1: f(x)=2x+1f(x) = 2x + 1. Controle met BB: f(4)=9f(4) = 9.

Lees in het hoofdstuk →